logo

A A A

Oplevering eindrapport chroom-6 in Tilburg naar eind augustus 2018

De onafhankelijke onderzoekscommissie Tilburg chroom-6 heeft tot en met eind augustus 2018 nodig voor het onderzoek naar de gezondheidsrisico’s bij het gemeentelijke re-integratieproject tROM. Onderzoeksinstituut RIVM, die het onderzoek voor de commissie uitvoert, heeft op dit moment te weinig informatie om gefundeerde conclusies te kunnen trekken. Peter van der Velden, voorzitter van de commissie: “Wij willen dat de onderste steen zo snel mogelijk boven komt. Maar we willen geen overhaaste en mogelijke verkeerde conclusies trekken. Zorgvuldigheid gaat boven snelheid.” De onderzoekscommissie Tilburg chroom-6 heeft nu met RIVM afgesproken dat de onderzoeksresultaten uiterlijk in mei 2018 aan de commissie worden aangeboden. De commissie biedt eind augustus 2018 haar conclusies en advies aan de gemeente Tilburg aan.

In het kader van de Wet werk en bijstand deden ongeveer 800 langdurig werklozen tussen 2004 en 2011 werkervaring op bij tROM met de bedoeling om terug te keren naar betaald werk. tROM was destijds het re-integratiebedrijf van de gemeente Tilburg. Tijdens het werk zijn de deelnemers misschien in contact gekomen met chroom-6. De grondverflaag van de te renoveren treinen bevatte mogelijk deze stof. Om duidelijkheid te krijgen over mogelijke gezondheidsrisico’s die toen zijn gelopen, heeft de gemeente Tilburg een onafhankelijke onderzoekscommissie gevraagd om de onderste steen boven te krijgen. De commissie heeft het RIVM ingeschakeld om wetenschappelijk onderzoek te doen. De commissie kijkt in het bijzonder naar:

  • de arbeidsomstandigheden;
  • de maatregelen die er voor bescherming genomen zijn;
  • of er gewerkt is volgens de Wet Werk en Bijstand;
  • de afspraken tussen tROM, de NS/NedTrain en het NSM (Nederlands Spoorwegmuseum).
  • ook vragen die betrokkenen hebben over het werken bij tROM worden in het onderzoek meegenomen.

 

Waarom meer onderzoek nodig?

De nu beschikbare documenten bevatten onvoldoende feitelijke gegevens, zoals meetgegevens, om de blootstelling aan chroom-6 volledig in kaart te brengen. Zonder die informatie kan RIVM geen betrouwbare conclusies over de mogelijke blootstelling aan chroom- 6 trekken. Om meer informatie te krijgen, gaat het RIVM de komende maanden daarom extra betrokkenen interviewen.

Deze interviews vinden eind 2017 en begin 2018 plaats en worden door de onderzoekers van het RIVM gevoerd. Naast informatie over het inschatten van de blootstelling aan chroom-6, verwachten de onderzoekers ook informatie te krijgen waarmee zij de onderzoeksvragen over arbeidsomstandigheden kunnen beantwoorden.

Langer wachten op resultaten

De onafhankelijke commissie beseft dat het voor de betrokkenen niet prettig is dat het eindrapport van het RIVM later komt: “De onduidelijkheid over de gezondheidsrisico’s die zij mogelijk bij tROM liepen, duurt voort. De commissie betreurt dat zeer “, aldus Peter van der Velden. “Maar wij moeten alles in het werk stellen om de vragen die er zijn zo volledig mogelijk te beantwoorden. We willen voorkomen dat mensen zich onnodig zorgen maken over hun gezondheid. Als de commissie moet kiezen tussen snelheid waardoor betrokkenen geen antwoord krijgen op hun vragen of het rapport later opleveren dan kiest zij voor dat laatste.

Vanwege voortdurende onduidelijkheid bij betrokkenen over hun gezondheidssituatie, adviseert de commissie de gemeente Tilburg om betrokkenen ook over 2018 de tegemoetkoming van € 385 aan te bieden. Dat neemt de drempel weg om medische zorg te zoeken als dat noodzakelijk is. De gemeente neemt hierover nog een besluit.

Persbericht

Top